Site pictogram Tilburgers.nl

Jan van Eijndhoven ruim 35 jaar op pad voor het NOS Journaal

Jan van Eijndhoven Foto: John Geerts

Van pakweg 1965 tot 1999 was Jan van Eijndhoven (nu fotograaf in Tilburg) op pad als dé cameraman van het NOS-journaal.

In die specialistische rol kwam hij enerzijds bij alle belangrijke nationale gebeurtenissen, zoals de stakingen in de Rotterdamse Haven, de treinkaping bij De Punt, het Bouweiland Neeltje Jans, Pink Pop de rellen in Amsterdam en anderzijds bij alle conflicten in de wereld, zoals de Falklandoorlog, de Golfoorlogen, Regerings en Staatsbezoeken in China, Latijns Amerika en Japan en conflicten in Beiroet, Koeweit, Suriname, Roemenië (Ceaucescu) Joegoslavië en Kosovo.

Genoeg aanleiding voor een gesprek met deze bekende Tilburgse globetrotter.

Op de bovenste verdieping op de Heuvelring met een bijna 360 graden uitzicht ontvangt Jan zijn gasten. Tijd voor de eerste vraag:

“Ja ik ben een echte Kruikenzeiker, geboren in de Oeverstraat. Dat is in de parochie Broekhoven 1 die grenst aan de parochie van ’t Heike. Ik ben de derde uit een gezin van vier kinderen: twee meisjes, twee jongens, en mijn ouweheer had een eigen bedrijf als fotograaf. Ik ging naar de lagere school aan het Stuivesantplein. Daarna volgde ik de SPD I en II opleiding bij Sint Denis aan de Bisschop Zwijssenstraat en had ik aan de slag kunnen gaan als boekhouder, maar zover kwam het niet.” vertelt Jan met een onvervalst Tilburgs accent en begint te lachen.

Een zelfportret eind jaren zestig. Jan: “Op het einde van een fotorolletje schoten we vaak wat huiskamerfoto’s of een zelfportret zoals deze, om het rolletje vol te krijgen.” Foto Archief Jan van Eijndhoven

“Mijn vader, Martien, was zelfstandig nieuwsfotograaf met een eigen bedrijf,  en maakte veel fotowerk met onder andere het voetbal voor Het Nieuwsblad van het Zuiden.  Ook had hij goede banden met de rijkspolitie en werd gevraagd om  foto’s te maken van ongelukken. En in dat drukke wereldje ben ik opgegroeid, en het maken van foto’s fascineerde me van jongs af aan al enorm dus. Samen met mijn broer Tiny.”

“Ik kreeg daarin wel de vrijheid om me te ontwikkelen, maar het was ook een harde leerschool. Zo moest ik soms bij drie voetbalwedstrijden op een zondagmiddag foto’s maken. Goede bruikbare foto’s zijn. En fotorolletjes waren duur, dus ik kreeg maar een klein rolletje mee met 12 opnames, en daar moest ik dus drie wedstrijden mee schieten, en daar moest dus wel iets goeds op staan. Ik zal toen een jaar of 12 geweest zijn denk ik. Mijn moeder ontwikkelde de foto’s. Die was daar zeer bedreven mee, en wist precies op welke temperatuur gewerkt moest worden om de rolletjes te ontwikkelen. Daarna konden mijn vader, mijn broer Tiny en ik aan de slag om de foto’s af te drukken.”

“Via destijds een moderne scanner waren we in staat om de berichten van politie op te vangen, en waren daardoor snel op de hoogte van allerlei branden en ongelukken. Zoals de grote Phoenixbrand in 1962 in de Veemarktstraat.  1965 Was een roerig jaar, er was een grote brand bij de V&D waar ik als 18 jarige mijn foto mee in krant kreeg en de befaamde bankoverval bij de AMRO bank op de hoek van Heuvel en Spoorlaan.”

“Het was nota bene de eerste bankoverval van Nederland. Ik was er al heel snel bij, maar als jong broekje liet men mij niet binnen bij de ingang van de bank. De agent hield mij tegen, terwijl ik de foto’s wou maken van de overval die net half uurtje geleden gebeurd was, het werd een getrek en geduw in de draaideur met als bizar gevolg dat ik binnen belandde en de politieagent buiten op de Heuvel. Daar kreeg ik wel op mijn kop van de directeur, dat het onbehoorlijk was om zo binnen te komen, maar ja, ik had mijn foto’s.”

In 1990 bij de tweede golfoorlog tussen Koeweit en Irak  Foto:  Archief Jan van Eijndhoven

“In die tijd moest ook de keuze gemaakt worden of we met bewegende beelden gingen werken, want daar was vraag naar. Mijn ouweheer twijfelde, de kosten waren erg hoog, (twintig duizend gulden, je kon daar destijds een huis voor kopen)   maar ik was een groot voorstander van het maken van bewegende beelden. Die keuze bleek uiteindelijk een goede. Foto van Eijndhoven (zoals het toen heette) kwam in beeld bij het NTS journaal, vanaf 1969 het NOS Journaal, als vaste cameraman.  In het begin waren het vooral de regionale onderwerpen.  Er werd ook gekeken naar de kwaliteit van je werk en of je efficiënt met de dure film kon omgaan. In het begin gebruikten we nog de 16mm film.  Later is dat allemaal Video geworden, waardoor je veel sneller ter plekke kon werken. ”

“Langzamerhand kreeg ik (inmiddels Persbureau van Eijndhoven samen met mijn vader en broer Tiny) steeds meer opdrachten overal in het land en daarna internationaal.” Jan mijmert: “Je groeit er als het ware in, het is een trein waar je op springt, en je vliegt van hot naar her. Jammer genoeg heb ik nooit precies bijgehouden waar ik allemaal geweest ben.”

“Met het werk als cameraman voor het Nos Journaal brak een drukke periode met veel werk aan, waarin ik ook vaak langere tijd niet thuis was. Zoals bijvoorbeeld de treinkaping  bij  De Punt in 1977 die maar liefst 12 dagen duurde.  We konden niet weg en ik had al die tijd dezelfde kleren aan, van 23 mei tot 11 juni duurde de kaping.  Het was overigens een heel spectaculair einde met bulderende Starfighter straaljagers.”

1982 Op de Falklands, met links Jan Santpoort, verslaggever Hugo van Rhijn en rechts Jan van Eijndhoven   Foto:  Archief Jan van Eijndhoven

“Ondertussen ging ik steeds vaker naar het buitenland zoals naar de Falkland-eilanden in 1982 waar Argentinië de Britse eilanden was binnengevallen. De weg ernaar toe was lang. Eerst naar Londen, daarna in een speciaal vrachtvliegtuig richting de Falklands via het eiland Ascension. De afstand was zo groot dat we onderweg in de lucht werden bijgetankt. Dan kwam er een vliegtuig naast vliegen, en met een grote slurf werd er dan brandstof overgepompt.  Ik was daar met Hugo van Rhijn en Jan Sandberg. Overigens raakte ik daar bijna al mijn beeldmateriaal kwijt. De BBC stond erop om mijn film mee te nemen, en dat in Londen te laten ontwikkelen, waarna het naar Hilversum doorgestuurd zou worden.”

“Wat ook veel indruk heeft gemaakt was de revolutie in Roemenië in 1989 met het einde van dictator Ceausescu.  We zaten daar ook weer met een team en er gebeurden veel gruweldaden. Het was rond kerst, en ik kreeg nog kritiek van de eindredacteur dat ik teveel gruwelijke beelden had gefilmd, daar zat op kerstavond  niemand op te wachten.”

Jan: “1984 aan het werk in een Turkse hotelkamer met montage van de beelden. Het PKK conflict  tussen de Koerden en Turken. Ik had speciale apparatuur daarvoor bij en was één van de eerste die zo werkte. De vluchtkoffers had ik speciaal laten ontwikkelen.”  Foto:  Archief Jan van Eijndhoven

“Wat heel ander werk was naast alle oorlogsgebieden, waren de tientallen staats-bezoeken, met Premier Kok naar Latijns Amerika, het allereerste staatsbezoek in Japan, in 1991 en met Willem-Alexander naar China. En vele met Koningin Beatrix en Prins Claus. De beveiliging was er wel enorm streng. In de oorlogsgebieden had je tenminste nog vrijheid van handelen, maar dat was er vaak niet bij met zo’n staatsbezoek. Er waren zoveel regeltjes dat je wel een producent nodig had die het werken mogelijk maakte.”

“Ik versloeg ook de oorlog in Joegoslavië. Daar kreeg ik in Bosnië in 1992 helaas een zwaar ongeluk. Met een gids en verslaggever sloegen we daar met de auto vier keer over de kop. Ik bleek last te hebben van mijn rug en mijn ruggenwervel was niet helemaal goed. Met heel veel moeite hebben we toen het vrije gebied kunnen bereiken. Bij Doboj had de gids ons achtergelaten bij de brugovergang over de Sava en hebben we de Kroatische grens kunnen bereiken want Zagreb was vrij gebied.  Achteraf bleek dat niet alleen mijn rug een klap had gehad, maar ook mijn nieren. Dat bleek pas jaren later. Na dat ongeluk ben ik vrij snel weer aan de slag gegaan. Maar helemaal klachtenvrij ben ik niet geweest. Het laatste ‘wapenfeit’ voor het NOS Journaal was 16 weken in Kosovo in 1999 met een verblijf in Albanië.”

“Wat ik ook bijzonder vond was het eerste buitenlandse Jeugdjournaal met Marga van Praag in Oostenrijk tijdens de wintersport. Dat was een keer helemaal wat anders. Ook bewaar ik mooie herinneringen aan een langere documentaire met de tante van Anne Frank, mevrouw Eva Schloss die Auschwitz bezocht. Dat werd een indrukwekkend bezoek. Ik liet de camera lopen terwijl ze rond liep met een geluidzendertje.  Kreeg daarna nog een speciale bedankbrief van haar.”

Jan van Eijndhoven Foto: John Geerts

“Wat me is bijgebleven van mijn werk in Tilburg als cameraman?   Voor het weer hadden we vaak wat beeld nodig. Dat materiaal schoot ik vaak in Tilburg. Waarom zou ik ergens anders heen reizen als het hier allemaal voor handen is.  Ik kreeg daar af en toe wel commentaar op, met zoiets weer Tilburg bij het Weerbericht?”

“Wat hier wel nationale en internationale aandacht kreeg was de opening van het Rode Fietspad in 1977. Ik was hier natuurlijk de cameraman voor het NOS.  Ook het kabelbaanongeluk in 1982 kreeg nationale aandacht. Meer dan 400 mensen zaten toen vast.”

“Tot slot nog wat  biografische feitjes, in 1975 ben ik getrouwd en we zijn  in de Sibeliusstraat gaan wonen en kort daarna in de Debussylaan. In 1992 gingen we naar een woning in De Blaak.  Sinds 2001 wonen we hier nu aan de Heuvelring.”

“Ik ben een echt stadscentrummens, heb graag de drukte om me heen. In Noord en de Blaak heb ik me nooit echt thuis gevoeld. In 2001 heb ik ook mijn belang van het persbedrijf verkocht aan mijn neef Jeroen die het samen met zijn vader Tiny voortzet en sindsdien fotografeer ik voornamelijk het Tilburgse nieuws voor de krant waar ik 60 jaar geleden mijn eerste foto maakte. Daar ben ik heel trots op. Je naam onder een foto geeft mij toch een heerlijke kick.”

Mobiele versie afsluiten