Site pictogram Tilburgers.nl

Marie-Thérèse Blomme (CDA): “Als je de creativiteit van kinderen ontwikkelt, maak je ze weerbaarder”

het-jaar-013_blauw_rood_RGBIn het eerste kwartaal van 2013 interviewden we 13 mensen uit Tilburg over hun visie. In deze ‘13 Visies op de Stad 013’ kwamen bekende en onbekende Tilburgers aan het woord over hun werk en leven en waar zij zoal in de stad tegenaan lopen.
In deze tweede serie van 13 interviews vragen we 13 Tilburgse politici om op deze visies te reageren. Zijzelf kiezen één van de visies en wijzelf kiezen er ook één voor hen uit. Alle 13 zitten nu in de raad en willen graag bij de verkiezingen in maart 2014 weer herkozen worden.

Marie-Thérèse Blomme

We ontmoeten Marie-Thérèse Blomme bij Cinecitta, dat tijdelijk onderdak heeft gevonden bij de FilmFoyer, vanwege de verbouwing van Cinecitta aan de Willem II-straat. Behalve interim-manager bij Cinecitta is Marie-Thérèse ook producent en productieleider van de Tilburgse Revue, bestuurslid van de Hasseltse Kapel en voorzitter van de Vrienden van de Hasseltse Kapel. Met een loopbaan van 35 jaar in de Tilburgse cultuur, heeft ze de Uitloper zien groeien van een A5-je naar een A0-poster.

Sinds 2006 is ze raadslid voor het CDA met aanvankelijk zorg en cultuur in haar portefeuille, maar om belangenverstrengeling te voorkomen, heeft ze cultuur sinds januari dit jaar overgedragen aan collega Maarten van den Tillaart, die ze dan wel soms één en ander influistert. Marie-Thérèse wil graag aan de verkiezingen van 19 maart 2014 meedoen en in onze reeks reageert ze op de visies van Gerard Otten en Paul van Kemenade.

Gerard Otten: “Tilburg is onvoorspelbaar mooi!”
Gerard Otten: “Tilburg is onvoorspelbaar mooi!”

“Met Gerard Otten ben ik het eens! Tilburg heeft veel meer verborgen schatten dan Tilburgers weten, maar die we als raad te weinig promoten. Ik ben deze zomer 10 dagen in Florence (Italië) geweest. Prachtig, maar ook heel veel toeristen en vooral stenig en vies. Dan is het een verademing om in Tilburg teug te komen. Wat is Tilburg toch een fantastische stad, met veel groen en ook cultureel erfgoed. Prachtig!”

“Ik stel voor dat we het Paleis zeven dagen per week openstellen voor het publiek, dat kan ook makkelijk terwijl er trouwerijen zijn. En laten we in de plint van het Stadhuis het Stadsmuseum vestigen, waarmee we laten zien wat Tilburg allemaal heeft, dáár komen mensen op af. Naast winkelen, cultuur waarin de stad zich onderscheidt van andere steden. Of we trots moeten zijn op Tilburg? Wij Tilburgers zijn trots op de stad en het is de taak van de gemeente om dat te laten zien. Geef in de stadspromotie het cultureel erfgoed een plaats!”

adv-Prins-Friso
Citaat van Prins Friso, december 2010: “Ik geloof dat cultuur, educatie en technologie de drie krachtigste instrumenten zijn om onze grenzen van de realiteit te verbreden en om ons verder te ontwikkelen, zodat we betere, meer volwaardige mensen worden.”

“Wat me ook opvalt in het interview met Gerard Otten, is dat het op de dag was dat Koningin Beatrix aankondigde dat ze afstand ging doen van de troon. Vandaag is namelijk de uitvaart van Prins Friso.” Marie-Thérèse haalt een krantenknipsel tevoorschijn: de uitvaart-advertentie namens het Prins Claus Fonds voor Cultuur en Ontwikkeling, waarvan Prins Friso erevoorzitter was, en leest het citaat voor waarmee de advertentie is ingeleid. “Het klopt precies, maar daar kom ik straks nog op terug.”

“Tilburg is de enige stad in Nederland met een paleis, door een koning gebouwd, die er nooit zelf heeft gewoond. Wist je dat Anna Paulowna, de vrouw van Willem II, destijds de volledige staatsschuld van Nederland heeft betaald? Zonder haar was het Rijksmuseum niet gevuld met ons erfgoed, dat was dan verkocht! Daar moeten we in Tilburg aandacht aan schenken. Maar ook de oudste toren van Berkel-Enschot en de Loonse en Drunense Duinen, die voor een deel bij Udenhout horen, zie je nooit terug in onze stukken in de raad.”

Niek van den Broek: “Als iets in Tilburg lukt, lukt het overal!”
Niek van den Broek: “Als iets in Tilburg lukt, lukt het overal!”

“Waarom?” herhaalt ze de vraag. “Ik denk omdat we een arbeidersstad zijn en die dragen het niet uit. Anderzijds zijn veel Tilburgers hier na hun studie blijven wonen en die kennen de stad en haar achtergrond niet. En natuurlijk hoef je niet perse met een stadsgids mee te gaan, zoals Niek van den Broek zegt. Je kunt de stad ook op andere manieren leren kennen. Maar we moeten het als gemeente promoten. We promoten toch ook de Kermis? Als je het hebt over de parels van de stad, zoals in de discussie rond de Culturele Hoofdstad 2018|Brabant, benóém die nou eens met elkaar, dat zijn de wortels van Tilburg. Dit heb ik in de raad ook al eens gezegd. Tilburg heeft alle kunst-(vak)opleidingen die er maar zijn, van laag tot hoog. Dóé daar iets mee.”

“Paul van Kemenade zegt: “Creativiteit laat zich nooit inbinden.” Dat ben ik met hem eens, maar ik vind wel dat je het in je eigen kracht moet doen. Als je tevreden bent met het niveau van Jan Smit en Gerard Joling; oké, maar wil je meer, dan moet je dat zelf doen en ga je niet zitten wachten op subsidie. Tenzij je geen ambitie hebt. Niet iedere gezel, iedere leerling wordt een meester. De één ontwikkelt zich verder en de ander vindt het wel goed zo. Grote en kleine kunstenaars hebben allemaal hun waarde in de samenleving.”

Paul van Kemenade: “Creativiteit laat zich nooit inbinden”
Paul van Kemenade: “Creativiteit laat zich nooit inbinden”

Met subsidie ben je vooral bezig om aan allerlei regeltjes en voorwaarden te voldoen. Niet per definitie, maar het kan de creativiteit beperken. Soms moet je als kunstenaar grenzen overschrijden en kan je publiek niet meekomen. Maar dan blijkt pas later dat zo iemand een nieuwe weg heeft open gelegd. Trends gaan voorbij. Maar als je een trend zet, de toon zet, ben je zelf allang weer verder als iets een trend is geworden.”

“Paul van Kemenade merkt terecht op, dat zijn publiek vergrijst. Hier hebben we als overheid verzaakt, doordat we het cultuuronderwijs hebben afgeschaft. Juist daarom moeten we de jeugd van nu culturele educatie bijbrengen, dan kun je hen wel in aanraking brengen met onder andere jazz. Als je de creativiteit van kinderen ontwikkelt, maak je ze sterker, weerbaarder. Dat is waar het citaat van Prins Friso op doelt.”

“Ik geloof dat cultuur, educatie en technologie de drie krachtigste instrumenten zijn om onze grenzen van de realiteit te verbreden en om ons verder te ontwikkelen, zodat we betere, meer volwaardige mensen worden.”

“Het is onzin dat kunst en cultuur een ‘linkse hobby’ zou zijn, dat komt alleen doordat linkse partijen in het verleden misschien iets sneller geneigd waren om er geld aan uit te geven. Daarbij heeft het CDA, als middenpartij, het voortouw genomen om Fontys Hogeschool voor de Kunsten en het Concertgebouw in het midden van de stad te krijgen. Kunst en cultuur is van iedereen. Cultuur maakt je weerbaarder als mens, kunst geeft je een grotere, bredere blik, ook naar anderen. Het is een taak van de overheid om creativiteit te stimuleren, door cultuur-educatie terug te brengen in het basisonderwijs.”

“Kunstenaars zijn geen zakkenvullers. Natuurlijk is het in goede tijden wel makkelijker om opdrachten te krijgen en is er meer geld beschikbaar voor subsidies. Maar in slechte tijden moet je blijven doen wat je doet. De kunstopleidingen moeten meer aan de poort selecteren. Ik heb ook gezien dat er soms mensen bij Fontys werden toegelaten, waarvan ik dacht: “Kun je niet beter iets anders gaan doen?” Die schifting komt nu vanzelf. Toen ik zelf op de kunstacademie zat, maakte ik mee dat studenten vroegen om de opdrachten makkelijker te maken, omdat het een avondstudie was. De dood in de pot! Ik dacht: “Wil je nou een vak leren, of niet? Het is geen hobby!”

“Ik denk dat we meer moeten uit gaan van het mecenas-principe en dat de kunstenaar daar uiteindelijk beter van wordt dan wéér een subsidie van de overheid. Over het mecenaat stond een interessant artikel in het NRC van vandaag. [Red: Cultureel Supplement NRC – 16 augustus 2013] In 2006 was ik initiatiefneemster van de Jacques de Leeuw-prijs, een prijs voor top-talent dat ik vanuit de Rotary heb opgezet. Inmiddels is het overgenomen door Audax en Fontys Hogeschool voor de Kunsten.

“Paul van Kemenade heeft het ook over de bureaucratie. Daar ben ik het mee eens! Ambtenaren zijn vaak veel te technisch en hebben geen of te weinig kennis. Een kok krijgt zijn sterren toch ook van ervaringsdeskundigen en niet van ambtenaren? Een student heeft natuurlijk nog niet het oeuvre van Paul, maar Paul kan wel zien of iemand het in zich heeft om een meester te worden. Een ambtenaar kan dat niet.”

“Wel vind ik dat de overheid opdrachten moet geven aan kunstenaars. Kunst in de openbare ruimte in Tilburg is prachtig. Niet alles is de smaak van iedereen, maar dat hoeft ook niet. Het zou me een onderzoek waard zijn om onder Tilburgers te gaan vragen wat ze van de kunst in hun wijk vinden. Wijs ze een kunstwerk aan en vraag ze of ze het kwijt willen. Ik durf te wedden van niet. Kunst geeft een wijk allure. Maar het is wat anders om mensen te vragen of ze een kunstwerk willen financieren. Stel je eens voor dat we alle kunst zouden weghalen uit de stad! Het standbeeld van Willem II is ook een kunstwerk… Ik denk niet dat iemand dat wil!”

SamSam in de Noordstraat, een creatieve ondernemer die al 38 jaar in het Dwaalgebied zit

“Het stimuleren van creatief ondernemerschap in het Dwaalgebied, zoals Gerard Otten wil, dat kan alleen via het aanpassen van bestemmingsplannen. Zoiets gaat altijd gepaard met frictie, zoals nu bij de Burgerij. Een restaurant als buur hoeft geen probleem te zijn, maar als er overlast van komt, is het een ander verhaal. Het meeste onroerend goed in het Dwaalgebied is particulier bezit, dus de gemeente gaat niet over de huurprijzen. Ik denk dat de overheid ondernemerschap moet stimuleren maar als er in deze tijd geen ondernemers zijn die zich daar willen vestigen, kun je het wel mogelijk maken, maar het is aan de ondernemer om te beslissen zich daar te vestigen. Ik kom bijvoorbeeld al sinds de opening, 38 jaar geleden, bij SamSam aan de Noordstraat, een zeer creatieve ondernemer. Mensen zoals zij, die zichzelf blijven, hoeven niet mee te doen aan een trend. Ben je trouwens wel eens op vrijdag bij de Voedselbank gaan kijken? Het is schrijnend hoeveel ondernemers daar in de rij staan. En overigens nauwelijks kunstenaars.”

“Beide visies inspireren me wel. De grijze zaal van Paul van Kemenade stimuleert me om culturele educatie weer in het basisonderwijs terug te brengen en de verborgen schatten van Gerard Otten om een lans te breken voor oud en nieuw cultureel erfgoed. Dan kan Paul een jazz-concert geven in het Paleis, in de Paleiszaal. Die is daar immers voor gemaakt! En dan natuurlijk uitzenden. En met mooi weer buiten op het bordes. Jazz in Tilburg Town!”

Mobiele versie afsluiten