Site pictogram Tilburgers.nl

Nieuw Stadhuis wordt inzet raadsverkiezingen 19 maart

Hans smoldersDe eerste politieke vergadering van dit nog verse jaar, van de commissie Bestuur, werd extra goed bezocht door zowel publiek als pers, dat met extra materieel naar het Stadhuis was gekomen. Reden: Hans Smolders, onder velen nog bekend als onconventioneel raadslid  van 2006 tot 2010, kwam inspreken over de plannen rond het nieuwe Stadhuis.

Vooraf had de commissie voor deze gelegenheid ook wethouder Erik de Ridder laten komen, verantwoordelijk voor de winkels in de Binnenstad, en ook wethouder Rodney Weterings, verantwoordelijk voor de Spoorzone en die hopeloos te laat kwam ‘vanwege een misverstand’. Gabe van der Zee (PvdA) was daardoor erg bang dat ook de discussie over het ‘winkelrondje’ van Erik de Ridder weer zou worden opengebroken. En dat alles terwijl er op dit moment niet eens een belangrijke beslissing moest worden genomen, maar er alleen een ‘voortgangsrapportage’ (jargon voor: “hoe is het er nu mee?”) over het nieuwe Stadhuis op de agenda stond.


Wethouder Joost Möller reageerde met “Ik vond de plannen van Landmeter en Schep interessant, ik heb daar presentatie van gehad. Hierover heb ik de raad geïnformeerd
 en uiteindelijk bleken er geen grote verschillen te zijn tussen hun plannen en die van ons. Ik blijf open staan voor aanvullingen en nieuwe plannen, maar een openbare presentatie? Nee, dat doen wij nooit, met geen enkel plan.”Hans Smolders trapte af met zijn verhaal, waarin hij naar voren bracht dat twee gerenommeerde vastgoedspecialisten, Frans Landmeter en Max Schep, onderzoek hebben gedaan naar de plannen van de gemeente Tilburg voor het renoveren van Stadskantoor 1 (‘de zwarte doos’) en verhuizing naar de ruimte van de bibliotheek, dat op haar beurt naar de Spoorzone zou gaan verhuizen als Fontys niet vorige maand de stekker uit dat plan had getrokken. stadskantoorDe conclusie van Landmeter en Schep was niet alleen dat het plan van de gemeente, dat 75 miljoen euro moet gaan kosten, vele miljoenen goedkoper kan, maar ook hebben zij meerdere alternatieven aangedragen. Echter, volgens hem had wethouder Joost Möller niet de moeite genomen om het onderzoek en de alternatieven van deze twee specialisten serieus te nemen. Ook de raadsleden, waarvan een meerderheid niet de moeite had genomen om naar een presentatie van Landmeter en Schep te komen kijken, kregen een veeg uit de pan. “Ik ben wederom zeer teleurgesteld dat veel partijen in de gemeenteraad bij dit dossier al een paar jaar lang slaafs achter B&W aanlopen en wederom kiezen voor risicovolle machtspolitiek.” en hij vergeleek de gang van zaken met het Midi-drama van enkele jaren geleden en riep wethouder Joost Möller op om een openbare discussie te houden over de presentatie van Frans Landmeter en Max Schep.

Daarna was het de beurt aan de raadsleden en volgde een discussie die drie uur duurde en alle richtingen op schoot: over het Winkelrondje, dat volgens wethouder Erik de Ridder “in belangrijke mate afhangt van de komst van Primark naar Tilburg” , de Spoorzone, waar Fontys inmiddels voor bedankt heeft zodat de verhuizing van de bibliotheek ook onzeker is, het onderzoek van Landmeter en Schep en vooral over het toch wel groot gebleken risico dat alle plannen aan elkaar geknoopt zijn. Alles in samenhang met elkaar bekijken (integraliteit) en zaken aan elkaar koppelen, blijken toch verschillende dingen die vooral voor veel verwarring en onzekerheid zorgen.

Loes Dielissen (TVP) kondigde aan dat ze een voorstel zou indienen bij de raadsvergadering van 27 januari aanstaande, waarin ze eist dat alle beslissingen die onomkeerbaar zijn tot na de raadsverkiezingen van 19 maart worden uitgesteld. (‘controversieel verklaren’ in jargon) “Ik constateer dat er belangrijke partners in de stad niet geraadpleegd zijn, namelijk de burgers van de stad. We moeten als raad niet over ons graf regeren.” was haar argument, waarvoor ze niet alleen steun toegezegd kreeg door Trots, maar ook door PvdA en D66, mits ze heel duidelijk zou maken wélke beslissingen niet genomen mogen worden.

Joost-MollerIn de tweede ronde kwam de discussie toch weer terug op het onderzoek en plannen van Frans Landmeter en Max Schep. Joost Moller beweerde dat hij tot drie keer toe aan hen had gevraagd om aanvullende cijfers en berekeningen op te sturen, maar dat dezen dat geweigerd hadden.

“Als de heer Landmeter met zijn plan komt, gaan wij het beoordelen en krijgt u een rapportage.” En tegen de raadsleden die de plannen van Landmeter en Schep al wel hadden, zei hij: “U heeft de plannen al, ik heb ze niet eens. Als u ze mij toestuurt, zijn we ook niet meer afhankelijk van de heer Landmeter, ik heb het tot drie keer toe gevraagd, maar ze niet gekregen.” Joost van Puijenbroek (Trots): “Dat hebben we u begin november aangeboden, om die plannen op te sturen. Tuurlijk kan de wethouder een kopietje krijgen, maar ik heb liever dat hij de initiatiefnemers serieus neemt en het ze zelf gaat vragen.”

Vervolgens wilde Marc Vintges (GroenLinks) weten of de wethouder dan ook de initiatiefnemers zou uitnodigen voor een openbare presentatie in de raad, maar hier probeerde Joost Moller omheen te praten. Dat was voor de voorzitter van de commissie, Bart van de Camp, reden om in te grijpen: “We hebben hier heel veel presentaties van welke organisatie dan ook, en ik vraag nú de wethouder om dat te doen en die presentatie te laten geven door de initiatiefnemers. Maar Joost Moller weigerde dit: “Ik wil de plannen intern met het college bekijken. U bent als raad vrij om te organiseren wat u wil, maar u heeft toch ons als college opdracht gegeven om plannen te beoordelen en dus doen we dat ook.” Voorzitter: “In dat geval geven we de griffie (ambtelijke ondersteuning van de raad) opdracht om zo spoedig mogelijk een presentatie te organiseren met de heer Landmeter hier in deze zaal.” Joost Moller reageerde: “Natuurlijk ben ik er dan bij.”

Brief, 4 januari 2014, van Landmeter en Schep

Volgens de brief, die Frans Landmeter en Max Schep op zaterdag 4 januari naar de wethouder stuurden, kan worden verwacht dat de initiatiefnemers graag een presentatie komen geven en ook de discussie hier over willen aangaan.

Geachte heer Möller,

Wij hebben kennis genomen van de door u geschreven raadsbrief van 17 december 2013 waarin u aankondigt om maandag 6 januari 2014, bij het agendapunt Voortgangsrapportage Grote Projecten, het door ons geschreven opiniestuk in het Brabants dagblad van 14 december jl. te behandelen. In verband daarmee hebben wij in de afgelopen week de fracties in de raad de mogelijkheid gegeven om kennis te nemen van de professionele onderbouwing die hier aan ten grondslag ligt. De fracties hebben dan ook zelf kennis kunnen nemen van de inhoud van ons aanbod van november 2013 aan burgemeester Noordanus. Het college van B en W is daarmee in de gelegenheid gesteld om kennis te nemen van de (financiële) gevolgen van de gemaakte keuzen.

Wij hebben moeten constateren dat de door u geschreven raadsbrief van 17 december 2013 ons gevoel onderschrijft waarom wij gekozen hebben voor het schrijven van een opiniestuk boven een terugverwijzing naar uw ambtenaren. Namelijk dat het college van B en W bij haar besluit van juli 2013 geheel voorbij is gegaan aan de vroegtijdig door de heer Landmeter ingebrachte gezichtspunten. In dit geval hebben ze niet geleid tot adequaat nader onderzoek door de gemeente. Het verbaasd ons dan ook zeer dat deze sinds maart bekende gezichtspunten niet zijn ingebracht in het overleg over de gemeentelijke huisvesting met de gemeenteraad. Wij kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat u en het college van B en W vast zit in de gemaakte keuze voor de renovatie van SK1 en SK2 met de bijbehorende ontwikkeling van de retail.

Nogmaals, onze opinie stelt een zeer eenvoudige vraag ter discussie namelijk:
“Is de gemaakte keuze als verwoord in de plannen met SK1 en SK2 wel de juiste voor de gewenste verbetering van het winkelklimaat in de binnenstad en voor de huisvesting van de ambtelijke organisatie?”

Anders gezegd draagt de gemaakte keuze in kwalitatieve en kwantitatieve zin bij aan de door het college vastgelegde doelen en hoe verhoudt de huisvesting zich bij financiële toetsing aan de eis van “sober en doelmatig”.

Wij onderschrijven geheel uw uitspraak dat er geen sprake is van een inhoudelijk verschil voor wat het de door u meegezonden cijfers in bijlage 1 betreft. Zij zijn immers in alle door ons bekeken modellen en varianten integraal meegenomen als basis voor de onderbouwing. In eerdere contacten, waar de heer Schep overigens nooit persoonlijk bij aanwezig is geweest, is aangegeven dat wij onze berekeningen naar aanleiding van voortschrijdend inzicht verder aangepast en uitgebreid hebben. Het verzoek van de gemeente om de variant op te nemen waarbij de gemeente blijvend eigenaar wordt/blijft van haar huisvesting is daar één van. Deze is tot op heden nimmer serieus met u besproken dan wel nader door u onderzocht. Wij herkennen dan ook de door u aan ons in de “samenvatting/toelichting” toegeschreven financiële verschillen niet. Aangezien:

  • De winkelontwikkeling in onze modellen is volledig gesepareerd van de huisvestingsvraag voor de ambtelijke organisatie. Zij maakt daar ook financieel geen deel van uit.
  • In onze visie zorgt de sloop van SK1 en/of SK2 voor het vrijkomen van een opnieuw kwalitatief inrichtbaar en invulbaar stuk binnenstad. Voor SK1 is daarbij uitgaan van de door de gemeente in haar visie gehanteerde m2 retail. Er vindt dan ook geen extra toevoeging van winkelmeters plaats! Van het aangegeven bedrag van 13.6 mio. is geen sprake.
  • Het is de vraag wat de gemeente zich als standaard stelt voor de kwaliteit van de kantoorinrichting. Bij een bestaand volledig ingericht modern kantoor dat jonger is dan 10 jaar zetten wij vraagtekens bij de noodzakelijkheid om voor €700, – per m2 te gaan verbouwen. Is dit sober en doelmatig? Daarnaast zijn de financiële verschillen in de uitkomsten van onze modellen zo groot dat de huidige gemeentelijke keuze niets afdoet aan de financiële relevantie van de uitkomsten.
  • Naar aanleiding van een eerdere ambtelijke opmerking over de door ons gehanteerde marktwaarde is deze al eerder door ons naar beneden bijgesteld. Er is dan ook geen sprake meer van een daar uitvoorkomend voordeel van €10 mio.
  • Met het integraal opnemen van uw bijlage 1 in onze modellen is de duurzaamheid voldoende verzekerd.

De leden van de fracties die kennisgenomen hebben van onze presentatie “Het Geluk van Tilburg” en de daar deel van uitmakende feitelijke onderbouwing hebben wij deze aspecten persoonlijk toegelicht. Voor de volledigheid melden wij u dat in onze modellen bij een volledige verplaatsing naar het Haestrechtkwartier een extra investering van €17,5 mio. hebben opgenomen voor de realisatie van een onderscheidende raadszaal en andere noodzakelijke voorzieningen.
Het gaat wat ons betreft niet om het welles of nietes als de media ons wil doen geloven. Het gaat erom of naar aanleiding van ons gratis advies u als verantwoordelijk wethouder zich realiseert dat door de focus op de renovatie van de stadskantoren de financieel meest ongunstigste keuze (met een totale waarde van €180 mio.) is gemaakt. Dit terwijl er een aantal alternatieven direct voorhanden zijn die tegen substantieel lagere kosten, tot wel meer dan 40%, ook nog eens meer bijdragen aan de toekomst van Tilburg en de Tilburgse binnenstad. Het is “het Geluk van Tilburg” dat deze mogelijkheden zich nu voordoen en dat de stand van het proces van SK1 en SK2 nu nog omkeerbaar is zonder dat het tot aanzienlijke kosten en vertraging behoeft te leiden.

De vraag die uw raadsbrief bij ons oproept is of en in hoeverre u bereid bent om serieus tot heroverweging over te gaan. Het zou van echte bestuurlijke moed getuigen als u 2014 begint met het ter discussie stellen van de genomen besluiten en serieus aandacht schenkt aan de voorliggende modellen en varianten.

Wij hebben al eerder aangegeven dat wij bereid zijn om de discussie met u aan te gaan over de door ons geopperde modellen en varianten. Om de cijfers te laten toetsen door een voor beide partijen acceptabele onafhankelijke derde. Daarnaast zullen wij belanghebbende blijven informeren. Wij verwachten van u een gelijke open opstelling. Eén die de eerder genomen besluiten ter discussie durft te stellen. Het gezegde “beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald” getuigt immers van wijsheid. Het kan voor Tilburg een tweede grootschalige “Midi” voorkomen.
Wij wachten uw uitnodiging af.

Met vriendelijke groet,
Frans Landmeter en Max Schep

Mobiele versie afsluiten