Spring naar inhoud

Weerjaar 2018 – Een jaaroverzicht

20 juli 2018 Het gras bij Grotto in de Oude Warande

Het bijzonder weerjaar 2018 is ten einde. Van een zeer zware storm in januari, ijskoud winterweer eind februari tot en met extreme droogte en langdurige hitte in de zomer.

Alles kwam dit jaar voorbij. In De Bilt leverde het 14 warmtedagrecords op en toch ook 3 koudedagrecords. De zon was in 2018 alom vertegenwoordigd. Het scheelde niet veel, of dit jaar was gemiddeld over heel Nederland zelfs het zonnigst sinds het begin van de metingen.

Temperatuur

Met een gemiddelde etmaaltemperatuur van 11,3°C, tegen 10,1°C normaal, was dit het vijfde zeer warme jaar op rij. Na het recordwarme jaar van 2014 met gemiddeld 11,7°C komt 2018 op de 2e plaats van warmste jaren sinds 1706. Alle maanden met uitzondering van februari, maart, september en november waren 1 of meer graden warmer dan normaal. Per maand blikken we terug wat er toen allemaal gebeurde.

Januari

Door de warme januari waren er vroeg krokusjes

Met in De Bilt een gemiddelde etmaaltemperatuur van 5,6°C tegen normaal 3,1°C, eindigde januari op plaats 10 van zachtste januarimaanden in ruim een eeuw. Winterweer ontbrak compleet en dat kwam vooral omdat vrijwel de gehele maand de temperatuur ruim boven de normale waarde voor de tijd van het jaar lag.

Het had dan ook nauwelijks gevroren. Opvallend was 24 januari toen zeer zachte lucht werd aangevoerd. In Woensdrecht en Gilze-Rijen werd met respectievelijk 14,7°C en 14,5°C de landelijke hoogste maximumtemperatuur van januari gemeten en werd op alle weerstations dagrecords gebroken, behalve in Maastricht. In een groot deel van het land werden toen maxima van 13 tot 15 graden genoteerd.

Februari
Februari was een echte wintermaand met matige tot strenge vorst in de nachten, ijsdagen en soms ook sneeuw. Op het einde van de maand kon er volop geschaatst worden. Voor De Bilt was het daarmee de koudste sprokkelmaand sinds 1996 en dat kwam vooral door een ijskoude periode op het einde van de maand met ijsdagen en nachttemperaturen onder de -10 graden. Pas op 7 februari werd de eerste officiële matige vorst van de winter gemeten met in De Bilt -6,8°C. In de nacht naar 8 februari koelde het op weerstation Twenthe af naar -9,6°C.

Vorst: Bevroren ijsfontein aan de Zomerstraat

Op de besneeuwde Limburgse heuvels werd het lokaal nog wat kouder. In de slotdagen van februari werden de laagste temperaturen van de winter genoteerd. In de vroege ochtend van 27 februari werd het in Eindhoven -10,1°C en daarmee werd op de valreep op een officieel KNMI-station de eerste strenge vorst van deze winter gemeten. Ook op 28 februari werden regionaal temperaturen beneden -10 gemeten. In Woensdrecht en Nieuw-Beerta werd het respectievelijk -10,5°C en -10,2°C.

Daarmee was het de landelijk laagste minimumtemperatuur van 2018. De gevoelstemperatuur lag daarbij tussen -12 en -19 graden. De laatste acht dagen van februari waren in De Bilt gemiddeld -2,0°C. Sinds 1901 was het slechts zeven keer nog kouder en dat was voor het laatst in 1986, toen het gemiddeld -5,5°C was. Februari sloot in stijl af met de koudste 28 februari ooit gemeten. In De Bilt werd het maximaal -4,6°C, waarmee het record van -1,6°C uit 1904 werd verpulverd. Zo laat in het winterhalfjaar (november-april) was alleen de maximumtemperatuur op 6 maart 1942 nog lager! Toen werd het in De Bilt maximaal -4,8°C. Het was in De Bilt bovendien de koudste dag sinds februari 2012. Opmerkelijk genoeg was het daar pas de eerste officiële en dus enige ijsdag van de winter. Op weerstation Twenthe was het met -6,0°C als maximum die dag het koudst. Niet eerder werd zo laat in het seizoen op een van de huidige KNMI-stations zo’n lage maximumtemperatuur gemeten.

Maart
Maart 2018 was een zeer koude maand, waarbij soms de gevoelstemperaturen daalden tot -15 graden. De gemiddelde etmaaltemperatuur kwam uit op 4,7°C tegen normaal 6,2°C. Daarmee is dit de koudste maart sinds 2013. Deze maand kende echter grote tegenstellingen, met zowel zachte als zeer koude perioden.

3 maart Sneeuw en kou, hier op het Rosmolenplein

Maart begon met een voortzetting van het koude weer van februari. We kregen zelfs twee zeldzame officiële maartse ijsdagen achtereen, waarbij de temperatuur in De Bilt de hele dag niet meer boven het vriespunt uitkwam.

Door een ijskoude noordoostenwind werd het op 1 maart daar maximaal -0,7°C en op 2 maart -0,5°C. Het was pas de zevende keer sinds 1901 dat maart twee of meer ijsdagen kent. De laagste minimumtemperatuur werd dan ook in de eerste dagen gemeten met op 1 maart -9,6°C in Nieuw Beerta en -9,4°C op zowel 2 als 3 maart in respectievelijk Twenthe en opnieuw Nieuw Beerta. De harde oostenwind maakte de gevoelstemperatuur zelfs nog lager tot -15 graden.

Op 4 maart sloeg het weer om en liep de temperatuur op tot lokaal +13 graden. Van 10 tot en met 12 maart werd in een zuidelijke aanvoer nog meer zachte lucht onze kant op gevoerd. Op de 10e beleefden we de eerste officiële lentedag met 15,1°C in De Bilt en werd de landelijk hoogste temperatuur van de maand behaald met 16,7°C in Ell. Een week later duikelde de temperatuur weer naar beneden en werd het in een oostelijke stroming met veel wind wederom koud en viel regionaal sneeuw. Werd op 17 maart in De Bilt geen ijsdag genoteerd dat gebeurde wel in een gebied tussen Lelystad, Twente en Deelen. Maar De Bilt noteerde wel de koudste 17e maart ooit gemeten.

April
April was een bijzondere maand die een van de warmste aprilmaanden ooit is geworden sinds 1706. Dankzij twee warme periodes werd zowel de eerste warme dag als eerste zomerdag van dit jaar officieel genoteerd. Met in De Bilt een gemiddelde etmaaltemperatuur van 12,2°C tegen een langjarig gemiddelde van 9,2°C was april zeer warm. De maand komt daarmee samen met 2009 op een gedeelde derde plaats van warmste aprilmaanden ooit. Toch begon de maand vrij koud.

19 april. Warm op een zonnig terrasje op de Heuvel

Eerste Paasdag (1 april) werd in De Bilt niet warmer dan 7,7°C en daarmee was dit de koudste dag van de maand en was zelfs kouder dan eerste Kerstdag. Op 6 april vroor het in Twenthe nog -2,9°C. Daarna werd het ineens zeer warm, want de volgende dag werd in De Bilt de eerste officiële warme dag van het jaar waargenomen met minstens 20 graden. Het werd tevens de warmste 7e april ooit gemeten met 21,6°C in De Bilt en 24,3°C in Arcen. Een dag later werden opnieuw warmterecords verbroken. Met respectievelijk 23,4°C in De Bilt en 24,9°C in Eindhoven werd het de warmste 8e april ooit.

Tussen 17 en 22 april leek het al zomer! Op 18 april had Eindhoven de primeur om, drie weken eerder dan normaal, de eerste lokale zomerse dag van dit jaar te noteren. Op 19 april werden warmterecords verpletterd en noteerden we de eerste officiële zomerse dag. In De Bilt kwam het deze maand zelfs tot drie zomerse dagen en dat is bijzonder, want normaal gesproken kent april helemaal geen zomerdagen. In het zuiden waren het er plaatselijk vijf, zoals in Berkel-Enschot. In De Bilt werd het maar liefst 27,4°C en Lelystad kwam op 29,6°C uit.

In Flevoland was dit een nieuw aprilrecord en ook in delen van Friesland en Zuid-Holland werden de warmterecords voor april aangescherpt. Sinds 1901 werd slechts op drie aprildagen ergens in het land een nog hogere temperatuur gemeten. Het extreem warme weer hield nog enkele dagen aan. Op 20 april mat weerstation Arcen maar liefst 28,9°C, een nieuw warmterecord voor 20 april. Op 22 april kreeg De Bilt het vierde datum-warmterecord van deze maand met 26,6°C als maximum. Zomerse warmte komt in ons land zo vroeg in het jaar gewoonlijk nog niet voor. Zo’n hoge maximumtemperatuur van bijna 30 graden is dan ook heel bijzonder en hoort tot de hoogste ooit ergens in Nederland in deze maand gemeten.

Mei
Mei 2018 gaat de weerboeken in als de warmste meimaand in ruim driehonderd jaar met een gemiddelde etmaaltemperatuur van 16,4°C tegen 13,1°C normaal. Er was sprake van langdurig zomerweer die, onderbroken door korte koelere perioden, tot en met september zou voortduren. Net als in maart en april begon mei echter koud met regionaal vorst aan de grond. De eerste meidag was meteen de koudste van de hele maand. Op de Waddeneilanden werd het slechts 10 tot 11 graden. Op 4 mei koelde het ’s nachts in de duinen van Wijk aan Zee af naar 0,0°C.

20 mei. Meimarkt, zonnig en warm

Daarna warmde het snel op en kregen we een aantal zomerse dagen. Zo verliep Bevrijdingsdag zonovergoten en warm en daarna liet mei de eerste zomerse warmte al zien met in het zuiden vier zomerse dagen achtereen van minstens 25 graden. Op de 8e werd op een enkele plaats al een tropische dag gemeten, zoals in Tilburg waar het 30,1°C werd. Na de negende werd het even wat minder warm, waarbij op Hemelvaartsdag (10 mei) temperatuur ruim tien graden daalde. De IJsheiligen (11 mei) begonnen vervolgens koud met nachtvorst. Op klomphoogte daalde het kwik in Gilze-Rijen naar -3,6°C en zo koud was het daar sinds 1951 nog nooit geweest. Daarna was de kou snel uit de lucht met opnieuw enkele zomerse dagen op 14 en 15 mei. Na de 16e werd het opnieuw fris, waarbij het in De Bilt drie dagen achtereen niet warmer werd dan 15 graden. Op de 19e werd het zelfs 14,1°C. In Zeeland werd het allemaal nog kouder, waarbij Vlissingen maximaal 11,7°C registreerde. Maar daarna gingen alle remmen los en kwam de zomer tot bloei. Het werd een bijzondere slotweek, waarbij de warmterecords aan elkaar werden geregen. In Deelen werd het op de 28e 30,5°C, waarmee het dagrecord uit 1954 in Gilze-Rijen werd geëvenaard. De Bilt noteerde de warmste 28 mei ooit met 29,7°C. Een dag later meldde Berkel-Enschot een regionale hittegolf, waarbij er vijf zomerse dagen werden geteld, waarvan er drie tropisch waren.

De hoogste temperatuur werd op 29 mei gemeten met 31,7°C en een dag eerder was het 31,2°C. Opnieuw sneuvelde bij het KNMI een dagrecord met de warmste 29e mei ooit (30,7°C). Daar was het tevens de eerste tropische dag van het jaar. Tropische dagen zijn vrij zeldzaam in mei en komen in het oosten en zuiden slechts eens per vier jaar voor. Maar wat vooral opviel waren de nachten die bijzonder warm waren. De Bilt noteerde allemaal records van hoogste minimumtemperaturen op 25, 26, 29, 30 en 31 mei. De eerste en de laatste twee behoren zelfs tot de tien warmste mei-nachten ooit gemeten in De Bilt, waarbij de 29e de warmste werd met 18,0°C. En zo warm is het sinds 1901 nog nooit geweest. Overigens werd niet de allerwarmste mei-nacht ooit in ons land gemeten. We waren er overigens wel dichtbij met 18,6°C op 27 mei in Hoek van Holland en dezelfde temperatuur op 30 mei in Stavoren. Maar het maandrecord blijft staan op 18,8°C en dat werd in 2017 geregistreerd in Maastricht op de 29e.

Juni
De eerste zomermaand deed haar naam helemaal eer aan, want het was zomers warm en gortdroog. In het zuiden leverde dat op het einde van de maand zelfs nog een regionale hittegolf op bij zeer zonnig weer en tropische temperaturen. Na een recordwarme mei en zeer warme april was ook juni met gemiddeld 17,5°C tegen normaal 15,6°C veel warmer dan normaal. De maand eindigde daarmee op de zesde plek in de top-10 van warmste junimaanden ooit. De juniwarmte is mede

6 juni - Slopen Stadhuis in de hitte.

veroorzaakt door de warme nachten in de eerste tien dagen van deze zomermaand, de nasleep van de recordwarme meimaand. Tijdens ongeveer de helft van de nachten lag de minimumtemperatuur namelijk rond de 15 graden. Op 6 en 7 juni werden in het zuiden en oosten van het land overdag lokaal tropische temperaturen bereikt. Zo noteerde Berkel-Enschot op die dagen respectievelijk 30,3°C en 30,1°C. In Hupsel werd het op de 7e 30,3°C en dat was op een KNMI-station de hoogste maximumtemperatuur van deze maand.

Met een noordwestenwind bleven de temperaturen van 21 tot en met 24 juni onder normaal, waarbij de Schaapscheerderskou haar intrede deed. Op de laatste drie dagen kwam de temperatuur in het zuiden weer lokaal boven de 30 graden uit. Zoals in de omgeving van Tilburg. En omdat deze vooraf ging met twee zomerse dagen van minstens 25 graden was hier sprake van een regionale hittegolf. Door het heldere weer koelde het in de laatste tien dagen ’s nachts wel flink af. De laagste temperatuur deze maand werd dan ook in die periode bereikt: Westdorpe en Woensdrecht noteerde op 23 juni een minimumtemperatuur van respectievelijk 4,8°C en 4,9°C. Drie dagen later kwam het op de 26e in Gilze-Rijen op 10 cm boven de grond nog zelfs tot vorst met -0,6°C. Een nieuw koude-dagrecord voor dat station.

Juli
Juli was zeer warm met een officiële hittegolf van 13 dagen en recordhoge temperaturen boven de 35 tot zelfs 38 graden. Na een zeer warme en droge juni, zette het aanhoudende zomerweer ook in de maand juli door en werd het alsmaar warmer. Met een gemiddelde etmaaltemperatuur van 20,7°C tegen 17,9°C normaal was het opnieuw zeer warm, goed voor een derde plaats van warmste julimaanden ooit.

Regelmatig werd het zomers warm van minstens 25 graden; in het zuiden en oosten lokaal tropisch warm van meer dan 30 graden. Maar ‘s nachts koelde het nog wel steeds flink af, met als laagste minimum 5,7°C in Nieuw Beerta vroeg in de ochtend op 4 juli. In de nacht van 7 op 8 juli was het aan de grond op 10 cm hoogte helemaal koud. In Twenthe werd toen 0,7°C gemeten. Dat is de op één na laagste grondtemperatuur ooit gemeten op 8 juli sinds 1901. Kortom, we hadden dus bijna een kouderecord te pakken in een hittegolf! Op 10 juli werd het overdag op veel plaatsen niet warmer dan 20 graden. Zoals in Vlissingen met een maximum van 16,8°C. Van 14 tot 16 juli draaide de wind tijdelijk naar oost en kon warmere lucht ons bereiken, met als gevolg dat het op de 16e landinwaarts op veel plaatsen tropisch werd.

27 juli- Record hitte. De badeendenrace tijdens Tilburgse Kermis gaf verkoeling

Vanaf 21 juli werd het warm tot heet en lagen de maximumtemperaturen vanaf de 23e vrijwel overal boven de zomerse grens en op 24 en 25 juli werd het landinwaarts tropisch en op de 26e en 27e was dit zelfs in het hele land het geval. Uitzonderlijker is dat het op deze dagen ook recordwarm werd met temperaturen boven de 35 graden. Sinds het begin van de moderne meetreeksen is dat niet eerder vertoond. Er was sprake van een heuse stortvloed aan temperatuurrecords. Van die records werd een flink aantal gelijk de dag erna, 27 juli, wéér gebroken. Op beide dagen werden lokaal temperaturen boven de 38 graden gemeten. De Bilt noteerde 35,7°C op 26 juli en dat is een evenaring van het warmterecord voor de hoogste maximumtemperatuur ooit aldaar. In Arcen was dat op 25 juli ook al het geval en daar bereikte de maximumtemperatuur samen met Westdorpe op 27 juli 38,1°C en een dag eerder op 26 juli zelfs 38,2°C. Sinds 1901 is 38 graden of warmer slechts tweemaal eerder gemeten op een officieel KNMI station: in Warnsveld op 23 augustus 1944 (38,6°C) en in Maastricht, op 2 juli 2015, toen werd het daar eveneens 38,2°C.

Ook de nachten waren uitzonderlijk warm in deze periode, waarbij de minimumtemperaturen op 27 juli in het grootste deel van het land (ruim) boven de 20 graden uitkwamen; in Deelen bleef de temperatuur zelfs steken op 24,4°C. Vrijwel alle stations noteerden hiermee niet alleen nieuwe dagrecords, maar ook nieuw julirecords en zelfs nieuwe jaarrecords. Kortom, zo’n warme nacht hebben we nog nooit beleefd. Het KNMI was door deze extreme hitte genoodzaakt om in de laatste week code geel uit te roepen en de Rijksoverheid liet vanaf 23 juli het Nationaal Hitteplan van kracht gaan. Op 26 en 27 juli werd code geel zelfs omgezet naar code oranje voor de extreem hoge temperaturen. Op 27 juli werd ook op veel plaatsen de hoogste daggemiddelde temperatuur ooit gemeten, waarbij Gilze-Rijen, Deelen en Eindhoven zelfs voor het eerst een daggemiddelde temperatuur van meer dan 30 graden registreerden, met respectievelijk 30,3°C, 30,3°C en 30,6°C. Niet normaal. Op 28 juli verdreef een koufront met wat (onweers)buien de ergste hitte en kwam er in De Bilt een einde aan een officiële hittegolf van 13 dagen. De afkoeling was echter van korte duur; op 30 juli werd het landinwaarts alweer op uitgebreide schaal tropisch warm.

Augustus
Augustus was zeer warm met in De Bilt een gemiddelde etmaaltemperatuur van 18,5°C tegen 17,5°C normaal. Daarmee komt het op de 9e plaats van warmste augustusmaanden ooit waargenomen sinds 1901 en was het de warmste sinds 2004. Dat de maand zo warm is verlopen, hebben we volledig te danken aan de zeer warme eerste tien dagen van deze maand. Want de eerste week van augustus was een voortzetting van de extreem warme periode die in juli was begonnen. Het was dan ook bloedheet met op 3 augustus in Arcen 35,5°C en 34,1°C in Tilburg.

De hoogste temperatuur van de maand werd op de laatste dag van de hittegolf gemeten: 36,6°C in Arcen, Hupsel, Eindhoven én Volkel. In De Bilt werd het 33,9°C en sinds het begin van de metingen werd het in augustus aldaar slechts drie keer warmer (in 2013, 2003 en 1990). Deze landelijke hittegolf, de tweede van deze zomer, begon op 29 juli en duurde tot en met 7 augustus. In het zuiden en oosten eindigde op 8 of 9 augustus deze hittegolf die op 12 juli was begonnen.

Droogte in de Spoorzone

De extreem lange regionale hittegolf duurde in Hupsel en Twenthe maar liefst 29 dagen, waarmee het vorige record, van langste regionale hittegolf ooit met 22 dagen uit 1994 te Arcen, werd verpulverd. De rest van de maand lag de temperatuur meest rond normaal met maximumtemperaturen tussen de 20 en 25 graden. In de laatste week waren er ook duidelijk koele dagen. Op 23 augustus bleef de temperatuur in De Bilt zelfs voor het eerst sinds 60 dagen onder de 20 graden en kwam er een einde aan de langste reeks warme dagen ooit. Op de 25e werd nergens in het land deze waarde meer geregistreerd. In Hoek van Holland en De Bilt was het zelfs kil met 16,8°C. Dat het koel werd zien we ook aan de landelijk laagste minimumtemperatuur die op de laatste augustusdag werd gemeten. In Twenthe zagen ze het kwik in de vroege ochtend van 31 augustus dalen tot 4,9°C. Aan de grond lag het kwik een graad boven het vriespunt wat zelfs een nieuw kouderecord opleverde! Op 10 cm hoogte werd het namelijk 1,1°C, waarmee het oude record van 31 augustus met 1,3°C van Hupsel uit 1995 eraan ging.

September
September was dit jaar een vrij warme maand, maar toch werden er een tot twee vorstdagen geregistreerd en sneuvelden vooral in Twenthe diverse kouderecords. Met een gemiddelde etmaaltemperatuur van 14,7°C tegen een langjarig gemiddelde van 14,5°C was september iets warmer dan normaal. De eerste drie weken van de maand verliepen warm, maar toch kon het in de nachten soms al goed afkoelen. Op de eerste dag van de meteorologische herfst noteerde Twenthe vorst aan de grond met -0,4°C.

Voor Twenthe was dat een evenaring van het stationsrecord uit 2012. De maand begon rustig met maximumtemperaturen rond of boven de 20 graden en vanaf de 3e liep de temperatuur lokaal nog op tot boven de 25. Een dag later gebeurde dat in De Bilt waar het 25,3°C werd en daarmee was het de enige zomerse dag van deze maand.

9 september Open monumentendag De begraafplaats van de zusters, Notre Dame, Oloflaan

Twee weken later liep op de 18e de temperatuur in Maastricht zelfs op tot de tropische waarde van 30,0°C en dat was meteen de hoogste temperatuur van september. Vanaf 22 september werd het gevoelig frisser en een dag later kwam de temperatuur in De Bilt zelfs niet hoger uit dan 10,9°C en daarmee was het de koudste 23 september ooit gemeten. In Deelen werd het niet warmer dan 10,8°C. Ook de nachten werden een stuk kouder. Op 25 en 26 september vroor het aan de grond opnieuw in Twenthe. Zo koelde het op de 25e op 10 cm hoogte zelfs af tot -2,8°C; een nieuw kouderecord voor Twenthe voor deze dag. Na een kleine opleving van de temperatuur op 27 september, met op veel plaatsen een warme dag, verliep het slotweekend fris. In de avond van 28 september daalde de temperatuur in Twenthe aan de grond al naar -2,9°C. En deze daalde in de nacht verder tot in de vroege ochtend van 29 september, waarbij de temperatuur zelfs op -4,6°C uitkwam!

Dit leverde voor beide dagen nieuwe kouderecords op in Twenthe. Op normale waarneemhoogte daalde de temperatuur naar -0,8°C. Daarmee was de eerste lokale vorst van dit najaar een feit en de koudste nacht ooit gemeten. De nacht die volgde (29 op 30 september) werd een evenaring van de koudste nacht ooit gemeten. Twenthe registreerde -1,5°C en dat was dezelfde waarde als op 30 september 1969 in Soesterberg. Zelfs in De Bilt kwam het tot de eerste officiële vorst van dit najaar en daar was het sinds 1901 niet zo koud geweest op de 30e. Normaal telt september helemaal geen vorstdagen. Aan de grond werd het allemaal nog kouder en sneuvelden deze keer niet alleen in Twenthe, maar op bijna alle weerstations de kouderecords van laagste temperatuur op 10 cm hoogte ooit gemeten. Maar ondanks al deze kou overheerste de warmte deze herfstmaand.

Oktober
Opnieuw een bijzondere maand in het jaar, want oktober blonk uit in zomergoud met veel warmte en zonneschijn, maar eindigde guur. Oktober was warm met in De

10 oktober. Een warme dag in Enschotsestraat

Bilt een gemiddelde etmaaltemperatuur van 11,9°C tegen 10,7°C normaal. Het was daarmee de zevende warme maand achtereen. Op de eerste oktoberdag was het nog fris en noteerde Tilburg 13,7°C en in het noorden werd de 13 graden zelfs niet gehaald. Vanaf de 5e werd het warm en gingen we zowel op 5 als 6 oktober over de 20 graden heen. Daarna volgde even een rustpauze totdat op de 9e de zomer in oktober arriveerde. In het zuiden waren er negen warme dagen op rij en van 11 tot en met 17 oktober was het op veel plaatsen zomers warm met minstens 25 graden. In De Bilt werd het op 13 oktober 26,3°C en zo hoog was daar de temperatuur zo laat in het jaar in ruim een eeuw nog niet geweest. De landelijk hoogste temperatuur van de wijnmaand werd op deze dag geregistreerd: Ell noteerde 28,1°C. Niet eerder was het zo laat in de herfst nog zo warm. Op 16 oktober werd het voor de laatste keer zomers en wel met een nieuw dagrecord. Ook op 12 en 14 oktober werden warmterecords verbroken. De warmte komt op conto van de ex-tropische orkanen Michael en Leslie die over Spanje en Portugal trokken en ons een zuidelijke stroming gaven en warme lucht aanvoerde.

Vanaf de 18e begonnen de temperaturen geleidelijk te dalen. Het kwik ging zo hard achteruit dat het op 20 oktober tot vorst kwam in het oosten van het land. Dat gebeurde op zes stations, waarbij Eelde en Hupsel het koudst waren met respectievelijk -1,0°C en -1,3°C. Een week later, op de 28e, kwam het lokaal opnieuw tot vorst met -3,8°C in Eelde. Vanaf die dag lagen de maxima op veel plaatsen ruim onder de 10 graden en was het in de wind soms ronduit guur. In Eindhoven, Maastricht en Hoogeven werd het op 29 oktober niet warmer dan 7,1°C. Een dag later werd de koudste dag waargenomen, waarbij op enkele plaatsen de 6 graden zelfs niet gehaald werd, zoals in Woensdrecht en Westdorpe met ieder 5,7°C.

November
November 2018 gaat de boeken in als een maand met twee gezichten: een zeer warme eerste helft gevolgd door een koud einde. Met een gemiddelde etmaaltemperatuur van 6,8°C was november iets zachter dan het langjarig gemiddelde van 6,7°C. In de heldere nachten koelde het op veel plaatsen af tot onder het vriespunt. Dat gebeurde voor het eerst op 2 november in Gilze-Rijen en Ell. Een nacht later werd het nog kouder en daalde het kwik rondom Tilburg naar -0,5°C en daarmee werd daar voor het eerst in die regio in de herfst een vorstnacht waargenomen.

16 november Mist

De koudste nacht was die van 3 op 4 november met -0,8°C in Tilburg en -1,5°C in Gilze-Rijen. Het koudst werd het in het Overijsselse Heino met -2,8°C gevolgd door Volkel met -2,7°C. Aan de grond was het stukken kouder en kwam vrijwel geheel Brabant tot matige vorst: Volkel -5,4°C, Gilze-Rijen -5,3°C en in Eindhoven zakte de temperatuur tot -5,2°C. Vanaf 5 november verdwenen de vorstnachten en stroomde met een zuidelijke stroming steeds meer warme lucht binnen. Op 6 november was het meteen al het hoogtepunt toen Westdorpe en Gilze-Rijen zelfs een warme dag konden noteren van respectievelijk 20,4°C en 20,0°C.

In De Bilt werd het 19,0°C en daarmee was het de warmste novemberdag uit de geschiedenis. In de historische klimaatreeks kwamen alleen 5 november 1899 en 3 november 2005 in de buurt met respectievelijk 18,8°C en 18,7°C. Vanaf de 13e werd het kouder met middagtemperaturen onder de 10 graden. In combinatie met een straffe wind voelde het regelmatig guur aan, waarbij de gevoelstemperaturen rond of zelfs onder het vriespunt kwamen te liggen. Op 24 november werd het in De Bilt niet warmer dan 3,5°C. Twee dagen daarvoor werd het in het Groningse Nieuw-Beerta slechts 2,4°C. Op 23 november werd het in de Achterhoek -4,0°C en vroor het aan de grond op meerder plaatsen ruim 6 graden. In de avond van 24 november namen de temperaturen een duikvlucht, waarbij rond 22.00 uur in Leeuwarden matige vorst van -5,6°C werd gemeten en aan de grond vroor het 6,2°C. Het was daarmee de eerste matige vorst van het seizoen.

December
Met een gemiddelde etmaaltemperatuur van 6,1°C in De Bilt, tegen normaal 3,7°C, was december een zeer zachte maand. Deze maand komt daarmee op de 7e plaats van warmste decembermaanden sinds 1901. De eerste tien dagen was het wisselvallig weer met temperaturen die meestal ruim boven het langjarig gemiddelde lagen. Het was op 2 en 3 december in De Bilt zelfs recordzacht met kwikstanden van respectievelijk 13,2°C en 13,3°C. De warmste stations op die dagen waren Westdorpe (14,5°C) en Ell (14,3°C). Daarmee werden het de warmste dagen van december 2018. Want na de eerste tien dagen werd het kouder en droger. Van 12 tot en met 15 december lag de temperatuur onder de gemiddelde waarde doordat met een oostelijke wind koude lucht over ons land werd getransporteerd. De nachten verliepen met vorst en op 15 december lagen de maxima iets boven nul, waarmee het de koudste decemberdag werd. De koude lucht verdween vrij snel.

23 december Zacht maar nat

Van 16 tot en met 23 december werd het een week lang zacht, waarbij de temperatuur bij de start van de winter op 21 december in Brabant naar de 13 graden ging en in Limburg werd zelfs de 14 graden aangetikt. Daarmee was het op veel weerstations de op één na warmste 21e december ooit geregistreerd. Met de kerstdagen keerde het droge en koude weer terug. In het zuiden vroor het ’s nachts licht. De laagste temperatuur van deze maand werd in de laatste week gemeten en bedroeg -4,1°C en dat gebeurde op 28 december in Gilze-Rijen.

De warmte van 2018 komt goed tot uitdrukking in zowel het recordaantal warme als zomerse dagen. In totaal kwamen in De Bilt 132 dagen voor waar de 20 graden werd overschreden en daarvan waren er 55 zomers met minstens 25 graden. En van die laatste waren er vervolgens weer 9 die de tropische grens van minstens 30 graden had bereikt. Daarmee gingen de records uit 2003 met 116 warme dagen en uit 2006 met 51 zomerse dagen uit de weerboeken. Voor het aantal tropische dagen komt 2018 uit op een vijfde plaats. Daarnaast werden dit jaar veertien dagrecords gebroken voor wat betreft de warmte. En dat waren: 24 januari, 7, 8, 19 en 22 april, 28 en 29 mei, 26 en 27 juli, 12, 13 en 14 oktober, 6 november en 2 december. Maar er kwamen ook koude periodes voor dit jaar. Zo kreeg De Bilt 3 ijsdagen, waarbij het kwik het gehele etmaal niet boven het vriespunt uitkwam en 50 dagen waarop het ergens op de dag heeft gevroren. En ook hier werden dagrecords gebroken van koudste dagen ooit gemeten. Dat waren 28 februari, 17 maart en 23 september.

In de omgeving van Tilburg werd 2018, na 2014, het warmste jaar ooit gemeten. In Berkel-Enschot kwam de gemiddelde etmaaltemperatuur uit op 12,1°C, waardoor de 12,5°C uit 2014 blijft bestaan. Overdag werd het dit jaar gemiddeld 17,0°C en in de nacht was dat 7,1°C. De warmste dag was die van 27 juli toen de recordhoge temperatuur van 38,2°C in Tilburg en Berkel-Enschot werd gemeten. Deze werd voorafgegaan door de warmste nacht, waarbij het kwik niet verder zakte dan 22,9°C. In totaal werden er in het midden van Brabant 153 warme dagen gemeten, waarvan er 94 zomers waren en 25 tropisch. Wat een warmte. Maar zowel in het begin als einde van het jaar was het koud. Eind februari was de koudste periode, waarbij we de koudste dag van 2018 konden noteren: op 28 februari was het een ijsdag met een maximumtemperatuur van -2,5°C. Een nacht eerder vroor het matig tot -7,7°C en daarmee was het de koudste nacht rondom Tilburg. In totaal werden 49 vorstdagen waargenomen en daarvan waren er 8 die tot een ijsdag leidden.

Neerslag

Het bijzonder warme en zonnige weer ging in 2018 gepaard met grote droogte. Aan het eind van het groeiseizoen bedroeg het neerslagtekort op veel plaatsen meer dan 300 mm. In Winterswijk verdampte zelfs 400 mm meer dan dat aan regen viel. Vanwege de droogte kleurden bomen in augustus al massaal bruin en zagen grasvelden er geel en dor uit. De zomer was een van de droogste zomers sinds 1906. De droogte van dit jaar kon in die periode wedijveren met het bijzonder droge jaar 1976. Na de zomer was de droogte echter nog niet voorbij, want er viel slechts de helft van de normale hoeveelheid herfstneerslag. Dit leidde tot watertekorten waar vooral de landbouw en scheepvaart hinder van ondervonden. Het gevolg was dat het waterpeil eind oktober in de Rijn recordlaag was met 650 cm boven NAP.

Droogte bij boomkwekerij in Tilburg Noord

Met landelijk gemiddeld 607 mm neerslag was 2018 zeer droog, want normaal gesproken valt er over een jaar in het land gemiddeld 847 mm. De minste neerslag viel in Limburg met op het KNMI-station in Arcen 445 mm gevolgd door Nunhem 490, Blerick 535, Heijen 543 en in Gennep waar 549 mm werd afgetapt. In Brabant waren de droogste plaatsen Heeze met 553 mm, Meeuwen 558 mm, Overloon 582, Aarle-Rixtel 585, Vierlingsbeek 587, Oploo 592 en Sambeek waar 595 mm viel. Het natst was het dit jaar in Haarlem waar 827 mm werd opgevangen. Daarnaast was het nat in Brielle 803, Groesbeek 794, Diever 767, Amsterdam 757 en het bij Rotterdam gelegen Pernis die nog 755 mm in de regenmeter had. Cuijk was de natste plaats in onze provincie met in totaal 743 mm, gevolgd door Alphen 727, Steenbergen 721, Oud Gastel 719 en St. Anthonis met 698 mm. Berkel-Enschot had nog 621 mm afgetapt. De natste dag van het jaar op dat weerstation was 30 oktober toen 29 mm naar beneden kwam. In totaal werden daar 106 dagen geregistreerd, waarbij minstens één millimeter werd waargenomen. Op vijftien dagen viel zelfs minstens 10 mm. Naast regen viel er op 10 dagen hagel, onweerde het op 23 dagen en werd op 29 dagen mist gezien.

Sneeuw

3 maart Sneeuw Rosmolenplein

Sneeuw was zeldzaam. In de eerste tien dagen van februari vielen er af toe wat sneeuwvlokken, maar leidde niet tot een echt sneeuwdek. Alleen op de 6e viel in de Limburgse heuvels circa 10 cm sneeuw. Pas op het einde van de maand viel er serieus sneeuw en dan alleen in het Waddengebied: op Ameland lag op 27 februari 20 cm sneeuw. Op 3 maart en in het weekend van 17 en 18 maart viel er in het zuiden lokaal sneeuw. In de tweede helft van november viel de kou in en konden we de eerste natte sneeuw van het seizoen noteren en dat gebeurde op 20 november in delen van Drenthe en Groningen. Op 16 december viel in de nacht en ochtend nog 1 tot 5 cm sneeuw, die dezelfde dag weer wegsmolt. In Berkel-Enschot heeft het in 2018 op 14 dagen gesneeuwd. Normaal zijn dat er zo’n 25. Daarbij ontstond op drie dagen een sneeuwdek, namelijk op 2 en 3 maart met respectievelijk 2 en 3 cm en laatst nog op 16 december toen er en sneeuwdek ontstond van maximaal 2 cm.

Wind

Met drie stormen in januari begon het jaar 2018 onstuimig. De eerste storm was op 3 januari en toen hadden we meteen een zware storm met overdag op Vlieland een uurgemiddelde van windkracht 10. Eerder die dag veroorzaakte een buienlijn zeer zware windstoten met in Vlissingen zelfs een windstoot van 141 km per uur. Op 18 januari was het extreem weer en werd halverwege de ochtend een weeralarm (code rood) van kracht in het westen, midden en oosten van het land. Aan de kust stond een zeer zware storm met in Hoek van Holland een windstoot van 143 km per uur.

wind en regen

In het westen bereikte de wind ook in het binnenland stormkracht en tot in Twenthe kwamen zeer zware windstoten tot wel 122 km/uur en dat is daar de op één na zwaarste windstoot ooit waargenomen. In grote delen van het land was flinke schade ontstaan en werd het openbare leven ontregeld. De derde storm woedde in het Waddengebied op de recordzachte 24 januari. Deze kwam vrij onverwachts en werd door de weermodellen niet berekend. Een opvallend verschil tussen de laatste twee stormdagen is dat op 18 januari voor de storm in Groningen 3 cm sneeuw viel, terwijl de laatste storm juist gepaard ging met recordhoge temperaturen van meer dan 14 graden. Stormen komen meestal in de herfst en winter voor, maar twee zware stormen in twee weken tijd is uitzonderlijk. Afgelopen honderd jaar is dit slechts 3 keer eerder voorgekomen, in november 1928, in november 1977 en in de winter van 1990.

Op 29 mei kwam het in grote delen van het land tot noodweer. Het KNMI gaf code oranje uit voor het hele land, met uitzondering van de Wadden. Op veel plaatsen kwam het tot flinke wateroverlast en lokaal viel grote hagel. Ook kwamen lokaal zware windstoten voor. In Ruurlosebroek werd een windstoot van 93,3 km/u gemeten. Daarna was het lange tijd rustig in de atmosfeer tot en met de herfst toe. De herfst van 2018 kende voor het voor het eerst sinds 2007 geen officiële herfststorm. In de eerste tien dagen van december was er soms veel wind, maar het kwam nergens tot storm. Op de winderige 21e werd de hoogste windstoot gemeten: 90 km/uur in Vlissingen.

Zonneschijn

Met landelijk gemiddeld 2090 uur zon, tegen normaal 1639, lag het aantal zonuren dichtbij het recordzonnige jaar uit 2003 toen 2099 zonuren werden geregistreerd. Vrijwel alle maanden waren zonniger dan normaal, alleen januari was duidelijk somberder dan normaal. Juli leverde een belangrijke bijdrage aan de extreme hoeveelheid zonuren. In die maand scheen de zon 332 uur en daarmee was dit de zonnigste maand ooit sinds 1901. Het minst zonnig was het in het noorden met in Lauwersoog ‘slechts’ 2018 uren. In het zuidwesten en in de Achterhoek was het

Een zonovergoten kermis

zonnigst: in Vlissingen scheen de zon ruim 2150 uur, gevolgd door Hupsel met 2145 zonuren. In De Bilt scheen de zon nog nooit zoveel als in 2018. Het hoofdstation noteerde 2044 zonuren. Het vorige record van 2022 uur zon uit 2003 werd daarmee gebroken. In Tilburg scheen de zon 2088 uren en dat leverde daar het op één na zonnigste jaar op ooit. Alleen in 2003 scheen de zon nog vaker met 2116 zonuren. Op 85 dagen scheen de zon minstens 80% van de maximale capaciteit van die dag en dan spreken we van zeer zonnig. Normaal hoeven we in een jaar op 36 van zulke dagen te rekenen. Daarnaast kon het ook somber zijn, want op 53 dagen was het zonloos, tegen normaal 60. Opvallend was dat de zon in het oosten ongeveer evenveel scheen als in het westen. Normaal is het in het westen veel zonniger dan in het oosten.

Bron: KNMI, Weeronline en Jean-Paul Korst
12 januari 2019

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *