maandag 15 april 2024

4 gedachten over “Stadstuinen in Tilburg: een beknopte geschiedenis

  1. Als een van de vrijwilligers van het eerste uur van de stadstuinderij heb ik met verbazing het stuk gelezen. Ik zal in mijn reactie proberen de vrijwilligers van zowel de stadstuinderij Piushaven en de Korvel buiten schot te laten. Deze en andere vrijwilligers verdienen het niet om de dupe te worden van het politieke gehakketak van de schrijfster van het artikel.

    Ik wil wel reageren op de orwelliaanse manier van geschiedschrijven. Want blijkbaar is de zelfbenoemde journaliste van dit stuk uitgegroeid tot een boekhouder van formaat die turft met een vork. De dag dat er 125 vrijwilligers waren onder de sturing van Social Energy, is er nooit geweest. Dit aantal was en is alleen praktisch gegroeid om de vermoedelijke grootheidswaanzin van bepaalde betrokkenen te voeden.
    De journalistieke vrijheden reiken nog verder als er een conclusie wordt getrokken over de positieve effecten die het ontbreken van een werkrooster met zich meebrachten. Dit lijkt uit de lucht gegrepen. De mogelijkheid om afwisselend actief te zijn en daarbij nog iets leren van een vakkundige teler, zijn in mijn ogen wel de significante onderdelen van het succes van de Stadstuinderij.
    Vervolgens worden er kort door de bocht een aantal “oorzaak en gevolg”- conclusies uit de pen getoverd, die kant nog wal raken.

    De vorming van een stichting en daarmee bescherming van de bestuurders (anders dan bij een VOF) zal elke stichting (ook stichting Social Energy) niet vreemd zijn. Het is een onjuiste veronderstelling dat het opzetten van een stichting winstbejag of het ophalen van subsidies tot gevolg heeft. Waarschijnlijk is dit dan meer een kwestie van de pot verwijt de ketel.
    Een groot deel van de vrijwilligers haakte af om dat ze met lede ogen aan moesten zien dat het initiatief van het samenwerken in de stadstuin omgetoverd leek te worden naar een samenwoonvorm.
    Toen er op verzoek van meerdere vrijwilligers van die koers afgeweken werd, waren er waarschijnlijk een aantal privileges minder aantrekkelijk en trok de toenmalige vrijwilligercoordinator er waarschijnlijk op uit om een andere tuin te vinden.
    Op de bewuste bijeenkomst van vrijwilligers stond de schrijfster trouwens te vuur en te zwaard de deelname van dagbesteders te verdedigen. Maar het is te kort door de bocht om dat aan te dragen als het kantelpunt voor en het afhaken van goedbedoelende vrijwilligers.

    Onder het kopje “Stadstuin wordt Stadsakker” wordt al gauw duidelijk vanuit welk oogpunt het artikel geschreven wordt. De aantallen van vrijwilligers worden in twijfel getrokken. Maar jammer genoeg niet op basis van grondig journalistiek onderzoek.
    Vervolgens worden de kosten die gemoeid zijn met het starten en laten draaien van een Stadstuin onder vuur genomen. Dat er kosten mee gemoeid zijn en dat instanties bijdragen is ook voor de buurtmoestuin Korvel overduidelijk. En dat er medewerking van de gemeente nodig is, is in alle gevallen duidelijk.

    Echter in het stuk “stand van zaken” voert de behoefte aan “kennis en kunde” de boventoon en wordt er nadrukkelijk gezocht naar samenwerkingsverbanden met technisch inhoudelijke partijen. Daarnaast worden er punten aangedragen, die ook nodig waren bij de realisatie van de Stadstuin.

    Uiteindelijk ontpopt de schrijfster zich tot een geweldige rekenmeester en vat in twee regels een mogelijke begroting samen. Dit gebeurd zonder verdere onderbouwing, maar door het aanhalen van een besluit van het college lijkt de schrijfster het prachtige initiatief vroeg de nek om te willen draaien.

  2. Ik kom wel eens bij Stadstuinderij Piushaven om groentes te kopen en herken het verhaal zoals het hier geschetst wordt helemaal niet. Er is juist een hele fijne warme sfeer en ik heb de indruk dat er steeds meer vrijwilligers bijgekomen zijn de laatste tijd. Misschien moet de schrijver van dit artikel zelf eens langsgaan bij de Stadstuin?

  3. Voor het eerst eens met een VVD-er, klasse Jeroen jij snapt het…!!! De overheid, de onderheid en dan sinds enkele maanden ook nog een tussenheid. Stel maar eens de vraag goedbedoelde initiatieven, wie spint daar het garen mee? Iedereen snapt dat er bij alle burgerinitiatieven garen op de klos mag komen. Maar in wiens zakken? Vrijwilligers, de adviseurs, de goed bedoelde burgers of de vermarkters?

  4. Ik kan niet nalaten op het thema “stadstuinen” te reageren.
    Het is toch altijd hetzelfde: Wat ontstaan is uit het enthousiasme van enkele burgers, wordt door
    burocraten die waarschijnlijk nog nooit een schop of hark in de hand hebben gehad, geinstutionaliseerd.
    Moet ineens flink subsidie tegenaan en je kunt wel raden in welke zakken dat verdwijnt.
    Dan moet het nog profitabel worden waardoor er voor vrijwilligheid nauweljks nog ruimte is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *